Samengevat : Het is er dus niet van gekomen.
Terwijl we echt wel zin hadden. Waarom is het weekend altijd zo kort ?
Opgestaan met overal pijn. Rugpijn, pijn in mijn rechterdij. Samengevat : spierpijn. Ik vrees dat het de prijs van maandag is. Dus zal het vandaag wel sporten worden, cardiotraining maar niet niet onder de noemer lopen. En ik heb nochtans zo’n goesting ! Gelukkig heb ik uitwijkmogelijkheden !
Manlief en ik zijn van plan om zondag mee te lopen met de keiheuvelloop, of Duvelkesloop. Vooral het woord ‘Duvel’ vindt mijn man heel aanlokkelijk !
Na hoogmoed komt de val ? Eigenlijk had het niets met hoogmoed te maken, wel met ‘verkeerde inschatting’. Alsof één cijfertje niet zoveel uitmaakt. Op het in- en uitlopen na stonden er vandaag maar liefst
20 versnellingen op het programma. 20/40 heet dat.
Nu had Mario er geen snelheden bijgeschreven, dus vroeg Fitnessjan wat hij als snelheid mocht programmeren. Het zou ook 30/45 worden, want 30 seconden is de kleinste interval die hij kan programmeren. (hé, dat is wel 10 seconden langer en maar 5 seconden langer traag !).
Ik floepte het eruit : zet maar op 14 km per uur.
Hoe haal ik het in hemelsnaam in mijn hoofd om versnellingen van 14 km per uur te doen ? 20 keer ! De eerste twee keer lag kon ik de loopband nog volgen, maar ‘t was loopband die met Kaat liep en niet omgekeerd. Soms is het een kwestie van uithouding, maar hier was het een kwestie van motoriek en niet snel genoeg kunnen bewegen. Dus na interval 4 (van de 20) deed ik het op 13,5 km per uur, de laatste 5 heb ik aan 12,5 km per uur gedaan. Gezien 10 km per uur mijn PR op 5 km was, vind ik dat toch nog flink lopen. Man, wat heb ik gevloekt.
Uit pure frustratie (hoe zot is een mens) en omdat ik echt kwààd was op mezelf (want dit had ik mezelf aangedaan, te hoge snelheid opgeven en dan nog eens gelopen ook), ben ik in de fitness gebleven.
Om nog een klein half uur vollen bak te fietsen. Om nog een dik kwartier op hoge weerstand te ‘roeien’.
Ondanks de relatief hoge weerstanden op de fiets en de roeimachine waren dit ‘makkies’.
Het zal mij leren !
Ik ben een huismuis. Ik zit graag met een boekje in een hoekje. Ik vind het heerlijk om te bakken en te koken. Dan haal ik weer mijn ‘creatieve koffers’ boven (waar werkelijk van alles in zit) en bedenk van alles om te maken. Laat de winter maar aan mij voorbij gaan, ik zit knus in ons huis, met kaarsjes, lekker eten, stofjes, schaar, papier, lintjes, you name it.
Ik wil helemaal niet weg van huis. Niet om te shoppen, niet voor iets anders.
Gelukkig woon ik in een zeer loopvriendelijk gebied. De demervalei is moerassig en dus zonder huizen, plat, veel (beschermd) natuurgebied en toch nog een beetje thuis.
In de winter lopen vind ik meestal niet zo erg. Het is maar een kwestie van goed aankleden. Maar zo’n ommezwaai van de bijna-warme duurloop op woensdag naar temperaturen die naar vriesweer ruiken, ik had er de moed niet voor.
Manlief en zoonlief zagen het anders wel zitten, want die duffelden zich in en werkten een toerke van 6 km af. Ik (jajajaja !) ‘reed’ richting fitness en deed er voor het eerst een bloktraining.
2 km aan 7 min, 2 km aan 6.30 min, 2 km aan 6 min en 2 km uitlopen.
FitnessJan had het weer perfect geprogrammeerd op de loopband. En terwijl ik mijn training lekker beschermd tegen de koude afwerkte aan een mooie hartslag van 145, deed hij nog zijn verhaal over de halve marathon van Kasterlee. Want lopen, dat is (ook) wel zo’n ding.
Thuisgekomen nestelde ik mij weer in ons huis. Met mijn neus in de boeken. Met onze Roel bakte ik een appelcake. Manlief keek naar ‘de koers’ en we keken met grote ogen naar het witte tapijt buiten terwijl we genoten van warme chocomelk.
Joewie, als dat geen genieten is !
Toen ik het schema voor deze week zag (en ik ben nog maar begonnen !) dacht ik : hoe komt Mario nu bij 12 km duurloop ? Ik loop maximaal 8 km aan een stuk en nu doet hij daar de helft bij. Het is zeker al maanden geleden dat ik … 10 km gelopen heb. En nu plots 12 ?
Sedert zondag lag ik ook in de lappenmand. Gisterenavond pas bleek ik weer normaal te functioneren. Voldoende genezen om zo’n lange loop te riskeren ? Soms heeft ziek-zijn ook een positief effect op lopen, je lichaam is immers verplicht geweest om te rusten. De spieren hebben tijd gekregen om te rusten.
Dus dacht ik : ik verzamel mijn moed en we zien wel. Ik dacht ook : geen halve dag nadenken over ‘wanneer ga ik lopen’ maar gewoon : opstaan, ontbijten, paar geplande dingen doen en dan lopen. NIET UITSTELLEN. Ik deed ook mijn drankgordel om en stak er een energiereepje in, voor het geval ik onderweg een inzinking zou krijgen. Als het moeilijk zou gaan zou ik die 12 breken, ofwel in 2×6 of in het ergste geval in 3×4 met een minuut tussen om te drinken en op adem te komen.
Nu stond er bij die 12 km ook ‘aan 7 min per km’. Met prachtige muziek in mijn oren en een zalig herfsthemel boven mijn hoofd … heb ik gewoon 12 km aan een stuk gelopen en wel aan 6:52/km. Dat laatste is niet zo belangrijk, maar ik heb vooral genoten, meer dan van de korte trainingen waar ik altijd mijn best moet voor doen en op mijn tanden bijten. Dit was gewoonweg genieten. Met die 12 km nu, zal ik – ik blijf natuurlijk wel trainen – die 10 mijl in april ook wel weer halen.
Ho, mijn dag kan niet meer stuk !
Mijn hartslag bevestigt trouwens mijn gevoel : allemaal dik content en zonder op mijn tanden te moeten bijten !
Nee, ik verlaat de schema’s van Mario niet. Ik voeg er alleen iets heel belangrijks aan toe, namelijk een training VOOR de training. Die is zo simpel als iets, maar voor mij totaal niet evident. “Laat de tijd tussen ‘ik ga lopen’ en het ‘effectief lopen’ maximaal een kwartier zijn !’. Liefje moest lachen toen ik het zei, want hij kent mij natuurlijk. Het is gewoon een zenuwtrekje van mij. Als ik ergens een beetje zenuwachtig voor ben (en ja, dat ben ik dus ook voor een gewone looptraining omdat ik meestal denk dat het niet zal lukken), dan ga ik talmen. Zie maar wat er gebeurde voor de wedstrijd in Mol vorige zaterdag. Buiten lopen gaat meestal als volgt bij mij : de training op de Garmin zetten. Daar heb je een pc voor nodig. Dat lukt meestal vrij goed. Ho, ik zal toch nog eens een paar (loop-)blogjes lezen ter motivatie. Weer een kwartier of langer bezig. Ik moet nog naar het toilet. Welke loopspullen zal ik aandoen ? Welk drankje. Dus vandaag moest het in welgeteld een kwartier gebeuren ! Ik had er de timer opgezet. En het is mij ook gelukt. Meteen ook voorgenomen om een 10tal trainingen in één keer op de Garmin te zetten, en wel op een moment dat ik NIET ga lopen. Ik kan ze vooraf nog altijd op papier bekijken !
De ‘tweede’ training viel anders best zwaar uit.
Wisselloop 8 km, 500 meter loslopen en 1 km lichte versnelling nemen.
Nu weet ik eerlijk gezegd nog altijd niet goed wat een versnelling is. Technisch dan. En hoeveel er ongeveer moet zitten tussen dat loslopen en die ‘versnelling’.
Ik heb tijdens de versnelling geprobeerd om op mijn wedstrijdtempo van vorige week te zitten, maar dat is net niet gelukt. Ik hoop maar dat coachy tevreden is !
Gisteren getraind en vandaag terug op post. Tja, dat is zo als je een dagje opschuift. Op het programma stond – zonder de in en uit-loop gerekend -
10 keer 200 meter aan 12 km/uur – en dan rust tot hartslag 100 – 110
FitnessJan had het weer mooi voor mij geprogrammeerd op de loopband. Intervallekes met de Garmin vind ik nog moeilijk. Ik kan ze wel programmeren, maar 200 meter is echt niet veel. Meestal is het als volgt : de ‘piep’ gaat en ik begin te spurten. Onmiddellijk weer ‘piep’ en ‘rustig aan’. Ik vertraag en na enkele meters is het ’sneller’ ! Ik kom dan thuis en ben meestal ontgoocheld over het resultaat. Ik ben meestal ook een beetje de kluts kwijt : rustiger, sneller, wat is het ? Dat is natuurlijk ook omdat ik geen gevoel voor snelheid heb. Het gevoel voor afstand begint stilletjes aan.
Dus doe ik de intervallekes op de loopband en … doe in zekere zin feilloos wat het schema mij oplegt. 12 km per uur, 200 meter, so be it !
De training was weer perfect op maat. Daarmee bedoel ik : ik moest echt wel mijn best doen. De eerste 100 meter liepen goed, de 2de 100 meter moest keek ik al eens hoever ik nog moest. Pedagogisch is dit dus een voltreffer : voldoende uitdaging en toch haalbaar. Ge moet het maar kunnen in het ‘geven van uw opdrachten’ !
Training in de fitness dus, ik vind het ook leuk omdat ik dan eens niet alleen ben (al vind ik alleen lopen ook leuk !). Zo is er de woensdag altijd een vriendengroepje van bejaarde mannen. Let op : naar leeftijd bejaard, maar ze lopen wel, deze krasse 70 plussers ! Als ik met mijn training gedaan heb, kunnen ze het niet laten om er iets over te zeggen. ‘Ewel meiske, gij kunt nogal lopen’. Misschien ga daarom naar de fitness ?
Met een beetje geluk … worden we een loperskoppel ! Want het liefje blijft lopen en het kriebelt in zijn hoofd en beetjes om … verder te lopen ! Vandaag vroeg hij of hij mee mocht op mijn duurloopje. Ik had 7 km op het programma staan, hij ‘zou wel zien’…. Een verstandige beslissing. Na 5 km (dit was pas de 3de keer dat hij 5 km aan een stuk liep) liet hij mij los en wandelde. Ik liep verder en stopte na de ‘voorgeschreven’ 7 km. Ik had er nog wat kunnen aan breien maar omdat ik een dag later op schema zit (met de 11de nov !) en morgen opnieuw loop, dacht ik gewoon te doen er op het papier stond. Het was werkelijk een herfstloop, want niet alleen waren er een paar pannen van het dak van onze buurman gevlogen, ook wij leken nu en dan bijna opgepakt te worden door de wind. De laatste kilomters waren tégen wind, echt stormachtige wind, maar ‘t gaf een kick om tegen die wind te lopen. Ook lekker verkoelend trouwens, want ik liep al gauw in het loperszweet !
En wie liep ik op het lijf richting huis ? Het liefje ! Hij was na het wandelen opnieuw beginnen lopen, wat hem misschien wel op 5 + 1 km lopen bracht.
Ondertussen is ook onze Roel gemotiveerd, én hij heeft hij natuurlijk het voordeel van zijn leeftijd. Hij vroeg ons alvast hem ook in te schrijven voor de Q-music-SantaRun in Antwerpen. 5 km ambiance ! Zelfs de corrida van Leuven ziet hij zitten !
Iemand een idee hoe we dochterlief nog aan het lopen krijgen ?
Het overkomt me meer dan eens … en gelukkig heb ik een echtgenootje die mij ondertussen wel kent. Ik denk altijd dat ik zeeën van tijd heb. Als ik een beetje zenuwachtig ben over iets, dan begin ik ervoor ongelooflijk te ‘treuzelen’, of talmen. Lief zegt : hoe ver is dat eigenlijk, Mol ? Ik dacht : een half uurtje en schrok met rot toen de pc netjes 57 minuten zei. Het was 13.30 u. ‘Waar ligt Mol eigenlijk ?’. Ik dacht : zaterdag en GPS, dat kan niet zo’n probleem zijn. Ware het niet dat we niet meer wisten (we gebruiken ‘m te weinig) waar onze GPS lag. Toen moest de één nog naar het toilet, de andere zus (en ik nog veel meer) en had ik met zeer cryptische omschrijvingen “volg de N71″ zonder dorp of gemeenteverwijzing, een plan in handen. Ik zag de wedstrijd al aan mij voorbij gaan, zeker toen bleek dat we al op 10 km van ons deur een ferme wegomleiding hadden. Bleek ook dat half Vlaanderen op weg leek te zijn. Bleken we op de verkeerde ingang van het Zilvermeer te staan… dus op naar de ‘hoofdingang’.
Om 14.55 crosten we van de parking naar de
‘inschrijving’. Die mannen (chapeau af voor de club !) waren werkelijk één en al begrip. Ze vonden mijn voorinschrijving onmiddellijk en zoon- en manlief hoefden hun papier niet meer in te vullen. Iemand zei nog snel ‘ik hou wel je jassen bij’ en zo liepen we al naar de start waar we net het startschot hoorden. Ik drukte op mijn Garmin op goed geluk dat hij zou registreren. Ik wou tenminste mijn snelheid zien. Mijn schouders deden pijn van de zenuwen, mijn lichaam was één en al spanning door de spannende rit – we gaan er niet geraken ! – en de ontgoocheling die ik zou zijn voor Mario (komt die niet eens af zeg !). Wat en hoe ik liep kon mij niet schelen, ik wou gewoon de loop achter de rug hebben. En die eerste kilometer vlamde ik er op los ! Dat kon ik nooit volhouden, maar ik voelde wel hoe ik de spanning van het lijf liep. Een doel had ik niet (moet ik misschien toch eens leren) maar hoopte gewoon op ‘verbetering’. Dit wil zeggen : rond de 9,5 km per uur. Na 2 rondjes (5 km) bleek ik die in iets meer dan een half uur gelopen te hebben : 30:39 seconden, maar ik had ‘m te laat afgeduwd (zie het schema) en ik stond ook helemaal achteraan in de rij. Een bruto tijd die mij toch naar een P.R. van 9,9 km per uur brengt ! Joehoe !
Ook manlief en zoon hebben het schitterend gedaan. Zij kwamen maar een paar minuten later aan, met de rit ‘in twee gebroken’ en tussendoor 2 minuten gewandeld. Toch mooi !
Ons Lien wist mij te vertellen dat ‘Edith van Frank’ hier was. Ze had dit een dame horen zeggen en heeft een geheugen als een olifant. Ooit heb ik verteld over een weblogster Edith en haar man ‘Frank’ … Even later zag ik inderdaad Edith. Ze moest vlug door (en heeft daardoor de digitale camera van de aanwezigheidstombola misgelopen), net als Wendy die ook door moest. Het was fijn om Edith, Wendy en Stefan (heb ik de naam juist onthouden ?) te zien, een mini weblogersgroepje, … en natuurlijk ook Mario met wie ik nog een tijdje heb nagepraat. Van Mario kreeg ik ook mijn bestelde webloggersshirt. Eindelijk in mijn handen ! Ik had er mee willen lopen maar dat was natuurlijk te laat.
Ik heb mij echt heel erg geamuseerd ondanks de zeer frustrerende autorit en het ‘net halen’ van de wedstrijd. Het is mijn derde wedstrijd op rij die ik eigenlijk niet goed voorbereid loop. Ik train dan wel met het (snelheidsschema) van Mario (3 keer per week), ik train niet op de wedstrijd zelf en op de een of andere manier loop ik de wedstrijd bijna per toeval. (Mechelen op laatste moment van afstand veranderd en meegelopen met iemand anders, Hasselt van hetzelfde). Dus vind ik dat ik eens echt mijn kop naar een wedstrijd moet zetten. Misschien doe ik dat voor Leuven. Ik wil het zeker voor Antwerpen doen. Toch ben ik dik content. Misschien is mijn netto tijd toch wel 30 minuten…
Dames (Wendy en Edith), jullie geven me toch echt wel een serieuze brok motivatie om misschien wel een tandje bij te zetten ! En Mario : ge zijt ongelooflijk. Uw enthousiasme is geweldig, aanstekelijk, bemoedigend, … hoe dan ook : de naam van coach meer dan waardig waardig !
Dankjewel mijn liefje … dat jij ZOOOOOO veel geduld hebt met mij (vooral in de auto, nadat ik 10 keer gejammerd heb ‘we komen niet op tijd’)