Vandaag stond er een pittige intervaltraining op het menu. Ik weet dat je na twee weken ziek zijn én maar één training (en nog altijd geen mogelijkheid om door de neus te ademen) niet moet doorgaan alsof je wel getraind hebt, maar ik had totaal geen zin om trainingen te herhalen. Niet dat ik zo ferm ben.
Goed, 2 km traagjes ‘inlopen’ en dan het zware werk : 10 keer 400 meter aan 33sec/100 meter. Oftwel (5,3 min/km). Zou het mij deze keer lukken om zo’n training juist te programmeren ? Dankzij de deskundige uitleg van Gert wel. Het liep helemaal juist. Alleen weet ik nog niet wat een goede ’schommeling’ is voor een intervaltraining. Ik heb tussen 5:20 en 5:40 geprogrammeerd (dus 10 seconden sneller en 10 seconden trager) en denk nu dat het beter is om in het vervolg enkel 20sec sneller te programmeren. Dan heb je toch tenminste de doelstelling gehaald. Omdat Mario niets geschreven had van tussenpauzes (allemaal na elkaar zou gewoon 4 km aan 5:30 zijn, heb ik een ‘oud voorstel’ geprogrammeerd als ‘rust tot de hartslag opnieuw 110 is’.
Wat niet geprogrammeerd stond was natuurlijk de hitte. 27 graden. Je moet zot zijn natuurlijk, maar ik zag pas bij het thuiskomen dat het zo warm was, al had ik natuurlijk al gevoeld dat het ‘toch wel warm’ was. Ook de flesjes in mijn drankgordel waar snel op.
Louter op cijfers gezien ben ik ‘net geslaagd’ voor de training, want ik heb 5 van de 10 intervallen binnen de grenzen gelopen. Ik wijt het deels aan het te ruim programmeren van de Garmin, maar anderzijds voel ik dat ik meer dan behoorlijk gelopen heb en … ik heb er ondanks de hitte echt weer plezier aan beleefd. Dat betekent vooral dat het lichaam weer echt beter is. Ook van de hartslag ben ik redelijk tevreden. Gezien de voor mij toch grote inspanning vind ik deze behoorlijk.
De vorige training had dan wel mooie cijfertjes (cruisecontrol zei iemand, zeg maar : lichaam op automatische piloot !) maar de ziel zat er niet in.
Dus nu ben ik weer helemaal mee !

