… en hebben onze loopschoenen mee. Met een laagste temperatuur van 29 graden ’s avonds valt het echter niet mee ! Een reisverslagje vind je op Dewereldvankaat !

… en hebben onze loopschoenen mee. Met een laagste temperatuur van 29 graden ’s avonds valt het echter niet mee ! Een reisverslagje vind je op Dewereldvankaat !

Ik wou mij niet laten kennen na de vorige nederlaag. Zo’n slechte cijfers. Dus zou ik 2 dagen nadien de opdracht herhalen, alleen een beetje ingekort (kreeg ‘m anders niet in mijn dag geschoven). In plaats van 2 keer 2 km in en uitlopen werden het er 2 keer 1 km en ipv wisselloop van 8 km werd het wisselloop van 6 km. Ik had nadien nog hopen overschot.
Opdracht was dus : 1 km inlopen, en dan 4 keer 1 km aan 6:30-6:45 afgelost met een ‘andere kilometer’. Omdat het de bedoeling is dat tijdens die andere kilometer lopen de hartslag zakt had ik als doel een maximale hartslag van 140 geprogrammeerd. Ik wou absoluut niet misleid worden door Garmin en programmeerde hem iets scherper : 6:20 en 6:35. Dit was het resultaat :
Alle ’snelle stukken’ liggen dus precies tussen de aangegeven waarden. Meestal ben ik niet zo streng over de hartslagcijfertjes, maar nu dacht ik om toch eens ‘precies’ uit te voeren wat Garmin zei. De ‘trage stukken’ of de ‘lage hartslagstukken’ waren echt lastiger dan de snelle stukken. Dat traag lopen ging mij helemaal niet af. Nu en dan piepte het ‘hartslag te hoog’ en dan zat ik rond de 142 (tja !) maar soit, ik wou binnen de cijfertjes blijven en dat is mij gelukt, helemaal onder de middagzon van 12 uur en iets.
De laatste kilometer was dan weer ‘uitlopen’ en dan heb ik gelukkig nog ‘een beetje’ gas mogen geven, al weet ik dat dat nu ook weer niet de bedoeling is van uitlopen. Maar, ik moest op tijd thuis zijn en ook dat… lukte net binnen de vooropgestelde tijd !
Joehoe !
update : nu zie ik plots dat ik een ietsje te snel gelopen heb. Het zal toch niet op de 3 seconden komen zeker ?
naar mijn gevoel liep het redelijk maar de resultaten thuis zeiden iets anders. Dat had ik kunnen weten ? Ja en nee. Ik kreeg op mijn Garmin een ‘ander’ scherm, namelijk eentje met piepkleine lettertjes waar alle stappen op stonden. Ik heb dus vertrouwd op allerlei gepiep en ‘meende’ dat ik sneller liep dan het geval was. Ik moest 4 x 1 km lopen aan 6:30-6:45 en dit is het niet mis te verstane slecht resultaat :
Die 4 km moest ik afwisselen met loslopen en ik had al begrepen van Mario dat het de bedoeling van een wisselloop is om je hartslag serieus te laten zakken. Dus had ik als volgt geprogrammeerd :
Herhaal volgende stappen 4 keer
- Ga 1 Km hartslag tussen 120 en 140
- Ga 1 km snelheid tussen 6:30 en 6:45
Omdat ik echt beter kan ga ik deze training overmorgen herhalen. En misschien wat meer bij de les zijn ook, want nu zit ik er echt toch dik naast, terwijl de opgegeven snelheden al meer dan eens gelopen zijn en zelfs al 5 km aan een stuk ! Dit moet beter !
Vandaag stond er een pittige intervaltraining op het menu. Ik weet dat je na twee weken ziek zijn én maar één training (en nog altijd geen mogelijkheid om door de neus te ademen) niet moet doorgaan alsof je wel getraind hebt, maar ik had totaal geen zin om trainingen te herhalen. Niet dat ik zo ferm ben.
Goed, 2 km traagjes ‘inlopen’ en dan het zware werk : 10 keer 400 meter aan 33sec/100 meter. Oftwel (5,3 min/km). Zou het mij deze keer lukken om zo’n training juist te programmeren ? Dankzij de deskundige uitleg van Gert wel. Het liep helemaal juist. Alleen weet ik nog niet wat een goede ’schommeling’ is voor een intervaltraining. Ik heb tussen 5:20 en 5:40 geprogrammeerd (dus 10 seconden sneller en 10 seconden trager) en denk nu dat het beter is om in het vervolg enkel 20sec sneller te programmeren. Dan heb je toch tenminste de doelstelling gehaald. Omdat Mario niets geschreven had van tussenpauzes (allemaal na elkaar zou gewoon 4 km aan 5:30 zijn, heb ik een ‘oud voorstel’ geprogrammeerd als ‘rust tot de hartslag opnieuw 110 is’.
Wat niet geprogrammeerd stond was natuurlijk de hitte. 27 graden. Je moet zot zijn natuurlijk, maar ik zag pas bij het thuiskomen dat het zo warm was, al had ik natuurlijk al gevoeld dat het ‘toch wel warm’ was. Ook de flesjes in mijn drankgordel waar snel op.
Louter op cijfers gezien ben ik ‘net geslaagd’ voor de training, want ik heb 5 van de 10 intervallen binnen de grenzen gelopen. Ik wijt het deels aan het te ruim programmeren van de Garmin, maar anderzijds voel ik dat ik meer dan behoorlijk gelopen heb en … ik heb er ondanks de hitte echt weer plezier aan beleefd. Dat betekent vooral dat het lichaam weer echt beter is. Ook van de hartslag ben ik redelijk tevreden. Gezien de voor mij toch grote inspanning vind ik deze behoorlijk.
De vorige training had dan wel mooie cijfertjes (cruisecontrol zei iemand, zeg maar : lichaam op automatische piloot !) maar de ziel zat er niet in.
Dus nu ben ik weer helemaal mee !
Niets ontsnapt aan het oog van de camera van mijn liefje. Ook niet de ‘loopbriefjes’. Wanneer ik gaan lopen ben en ik verwacht hem ondertussen thuis leg ik een briefje op tafel. De boodschap is altijd hetzelfde. ‘Gaan lopen, terug rond … en dan het uur’.
Soms vind ik thuisgekomen een briefje terug. ‘Naar O&O’ (*) staat er dan op.
Ik vond deze foto bij het bekijken van de talloze foto’s ons netwerk. Leuk.
(*) oma en opa
Toen ik vorig jaar in China was bleek de mythe van ’spuwende Chinezen’ meer waarheid dan mythe. China zit er blijkbaar om verlegen, want in grote steden las ik al eens op een bord dat het niet echt, eu … ‘gewaardeerd’ werd. Toch heb ik het meermaals meegemaakt, je loopt op de stoep en ‘floep’, daar vliegt iets in mijn richting. Aan de houding van de persoon in kwestie te zien was duidelijk dat hij er geen erg in had. Of zij. Spuwen mag. Weg met het kwijl !
Vandaag ben ik voor het eerst sinds 10 dagen (amai !) terug gaan lopen. Een beetje onverantwoord, want met die longen gaat het nog altijd niet goed. Alleen, als ik nog lang niet zou lopen, dan zou het met dat hart ook niet goed meer gaan, mijn gemoedsrust begon er al behoorlijk last van te krijgen. Ik werd ook alsmaar onzekerder en begon hier al te jammeren : ik ga het niet meer kunnen ! Al die trainingen voor niets ! Ja, ik ben goed in panikeren. Ontzettend goed in twijfel. Gelukkig ook goed in doorzetten. Hmm. Toch iets, niet ? Dus trok ik al van bij het uit bed stappen mijn loopkledij aan. Niet dat ik al van plan was om onmiddellijk te lopen (eerst ontbijt en zo) maar zo zou ik geen enkel excuus hebben. Later op de dag moesten we nog op familiebezoek en ik zou mij toch niet nodeloos in looptenu gestoken hebben zeker ?
Toch voelde ik mij niet lekker. Niet 100 %. Wat is dan beter, ‘lang en traag’ of ‘kort en hevig’ ? Het liefje zei wijselijk ‘lang en traag’, kwestie van het hart een beetje te ontzien, maar ‘lang en traag’ zou mijn zelfvertrouwen geen goed doen. Lang en traag kan je altijd lopen. Ik wou weten of ik ‘het’ nog kon. Met een beetje snelheid dus. Ik programmeerde mijn Garmin op 5 km aan 8,8 km per uur, zijnde 6:50 min/km. Als ik dat zou halen, dan zou ik toch nog ‘ergens’ zitten, maar in mijn hart wou ik Garmin natuurlijk verslaan, en het liefst met 6:40 min/km. Ik deed dus ontzettend mijn best en ‘liep als een Chinees’, ik vulde pakken papieren zakdoeken met het gele goedje dat naar boven kwam. Ik zweette mij te pletter en voelde hoe mijn longen niet meewilden. Ademen door de neus zat er niet in. Maar mijn benen vonden het super. Alsof ze in het ‘loopnirwana’ kwamen en een strijd aangingen met het bovenlichaam. Mijn geest ging zweven. Joehoe, wat is dit leuk ! Uiteindelijk heb ik de 5 km gelopen aan 9,4 km per uur. ‘U wint’ zei hij.
Yes ! Meer dan gewonnen zelfs, want nog nooit 5 km aan deze snelheid gelopen oftewel 6:23 min per kilometer. OK, jullie webloglopers lopen allemaal sneller, maar in acht genomen dat ik nog altijd niet 100 % ben vind ik dit toch goed. Een verbetering van voorgaande resultaten en voor mij ook het startschot om opnieuw verder te doen met Mario’s trainingen. Nu nog hopen dat ik zo gezond word dat ik ergens een loopwedstrijdje kan meepikken !
… en dus nog altijd koorts en toestanden. Poeha !
Gelukkig is iedereen hier superlief tegen mij, want de verveling en het stilzitten wegen op mij.
Ook gelukkig kan ik nu en dan wel eens een klein uurtje lezen, met geweldig leuk resultaat trouwens.
Dit kleine ongemak (het zal toch maar een week duren) doet mij toch wel diep nadenken over mensen als Tine die met een langdurige blessure zitten. Het zal je maar overkomen. Dan is een ‘infectie aan de luchtwegen’ peanuts !
Ha, en we krijgen een mooie T-shirt, met onze naam. Geweldig !
Dankjewel Mario, voor al die moeite ! Chapeau af !
Het zou een geweldig sportief weekend worden en wel zo.
Vrijdag ging ik ons Lien afhalen in het zwembad. Ze had er een verjaardagspartijtje achter de rug. Omdat ze nog volop in gesprek was met ‘de vriendinnen’, zocht ik wat verstrooiing in de foldertjes van het zwembad. Komende zondag, 8 juni dus, waren hier verschillende duatlons. Het zwemgedeelte ging door in het zwembad, wat ik voor een eerste (nieuwe) kennismaking al meer zag zitten dan ergens in een of ander natuurwater. Dus schrapte ik in gedachten de aarbeijogging en zou me wagen aan de zwaardere kleine duatlon. Meteen leerde ik er ook de verantwoordelijke voor de triatlon kennen die me verzekerde dat zij (in tegenstelling tot het andere, concurrerende zwembad) louter recreatief aan triatlon deden. Kom maar af, zei hij, en met een glimlach van hier tot ginder vertelde ik mijn liefje-echtgenoot dat ik volgend jaar zou beginnen met die zwemclub. Verrast was hij niet, mijn liefde voor zwemmen is nooit ver weg geweest en ik zeg al langer dat ik eerst ten volle op techniek wil trainen. Het zou ter afwisseling zijn van het lopen, al zou dat lopen toch het belangrijkste blijven.
Zaterdag zou – zoals afgesproken – 21 km gewandeld worden. Het nichtje deed er een derde van af (allerlei omstandigheden) en zo werden er het 14. We waren thuis rond 18 uur en toen had ik het al moeten zien aankomen. Ik was buitengewoon moe. Het (excuus, L. !) ongetrainde nichtje was minder onder de indruk dan ik. Mmm… ik had al moeten weten dat het niet kon kloppen.
Rond 21 uur zou ik maar het bed opzoeken, met de duatlon de dag erna te gaan zou dat geen overbodige luxe zijn. Die slaap duurde echter geen eens 3 uur. Badend in het zweet werd ik wakker. De thermometer loog er niet om : 38 graden koorts.
Geen duatlon op zondag dus, maar … 38,8 graden koorts.
En op maandag, vandaag dus, ook al geen looptraining maar een dokter die me met de glimlach (!!!) wist te vertellen ‘dat die koorts toch nog wel een paar dagen zou duren’. 38 graden, las ik daarnet.
Wanneer ik de trap opga, dan lijkt het alsof ik de 80 voorbij ben. Mijn adem stokt en mijn lichaam wil alleen maar bed. Verplichte rust.
Ik zie nu al uit naar de volgende looptraining. Koorts weg en Kaat op de loopschoenen !
Collega A. tegen mij. “Ik ben weer begonnen met lopen. Ik had het gevoel dat ik minder kon relativeren, minder energie had,” dus ben ik weer beginnen lopen.
Collega N. “Ik wou dat ik dat ook kon, dat ik daar de tijd voor had”
Wij (om beurten) : maar de tijd die je aan het lopen besteedt win je weer. Want je hebt meer energie, je kan de dingen beter aan, je voelt je gewoon beter. Je gaat niet uitzakken in de zetel, je bent niet meer pompaf als je van het werk komt.
En zo werd er op het werk (weeral) gepraat over lopen. Er lopen heel wat collega’s en de niveau’s, snelheden en afstanden zijn even divers als er bij ons collega’s zijn.
Ik vind lopen al lang geen ‘hobby” meer maar een levensstijl. Ik zou uren kunnen schrijven over de ‘zegeningen’ van het lopen. Door het lopen ben ik rustiger geworden en dingen die voor het lopen ‘dramatisch’ leken zijn na het lopen lang niet meer zo erg. Tijdens het lopen lijkt het alsof alle negativiteit van mij afloopt. Het leven ziet er na het lopen zonniger, lichter en doenbaarder uit. Ik heb geen idee of dat voor alle lopers het geval is, maar ik hoor het toch veel.
Soms is lopen ook een vorm van meditatie. Ik loop dan door de prachtige natuur en zie vogels, of zoals gisteren de weg die bezaaid is met naaktslakken na een fikse regenbui. De geur van de regen die opdroogt, het vechten tegen de hagel of het welkome zachte briesje op een warme dag. Als ik al geen zacht eitje was, zou ik er één worden.
Naar verluidt krikt het lopen ook het zelfvertrouwen op. Natuurlijk is dat zo ! De overwinning van de eerste kilometer voluit lopen, dan de eerste 5. Als ik aan de Tien Mijl van Antwerpen denk, dan glunder ik nog. Grenzen verleggen. Ik las al eens van een slecht gezinde bloglezer dan al die webloglopers op zoek zijn naar zelfbevestiging en daarom maar hun resultaten op het net zetten. Ik denk van niet. Je ’strijdt’ niet met een ander, het gaat er niet om dat je iets kan dat een ander niet of minder kan, iedere loop is een overwinning op jezelf. Soms is het gewoon een overwinning op de zetel, soms is het een overwinning op afstand of snelheid. Maar het is altijd een overwinning op jezelf. Als lopers ontgoocheld zijn over hun loopprestatie (de amateurs toch) dan denk ik dat ze meestal ontgoocheld zijn om hun verwachtingen die ze over zichzelf hadden en niet omdat die andere beter liep. We (mag ik zo spreken ?) gunnen ieder ander een fijne loop !
En waarom toch bloggen over lopen ? Dat je wééral gelopen hebt ? Dat het fantastisch was of gewoonweg rot, dat het van geen kanten liep ? Omdat een mens zijn verhaal kwijt wil. Maar onder de webloglopers is er nog iets meer. Er bestaat echt wel iets als solidariteit. Ik mag nog zoveel lezers hebben op mijn andere blog, de webloglopers hebben toch nog iets extra’s. En wel op verschillende manieren. Ik krijg hier nu en dan woorden van moed en uitleg op mijn blog. Webloglopers zijn bijzonder aardig, ze motiveren je altijd !
Van prestatiedrang (tegenover een ander) of concurrentiezucht heb ik nog nooit iets gemerkt. Ik geloof dat deze webloggers gewoon willen dat iedereen plezier aan het lopen heeft. That’s all.
Omgekeerd leer ik ook veel van alle webloggers. Als ik geen zin heb hoef ik maar een paar logjes te lezen om ook weer de loopschoenen te pakken. Als mensen een PR lopen vind ik dat geweldig.
Webloglopers zijn aardige mensen. Dat is wel het minste wat van hen kan gezegd worden. Met de webloggers unite is trouwens de virtuele gemeenschap overstegen : dankzij onze rode T-shirtjes herkennen we elkaar, spreken we af waar ook ten lande (of buitenland). Dan loop je, zoals ik, in Gent en hoor je plots ‘Komaaaan Kaaaaat’ !
Wie kan dat nou zijn ? Een weblogger natuurlijk !